Moslimslaven en Ramadan in Amerika

Niet elke moslim krijgt tijdens de maand Ramadan de kans om te vasten en gezamenlijk te bidden. Zo mogen studenten, leraren en ambtenaren in China ook dit jaar niet meedoen aan de Ramadan en deelnemen aan religieuze activiteiten. Het verbod op deelname aan de Ramadan is helaas niet alleen van deze tijd. Ook in de vroegmoderne tijd kwam het voor dat moslims niet mee mochten doen met de Ramadan, zoals de slaven in de Verenigde Staten op pijnlijke wijze hadden ondervonden.

Zwaar
De Ramadan is deze week van start gegaan. Zeker in de zomerperiode is de Ramadan een uitdagende maand en vooral dit jaar tijdens de langste dagen van het jaar. Moslims kiezen er desalniettemin toch voor om hun lusten en verlangen te onderdrukken om sterker in het geloof te staan. Het vraagt om vroomheid en toewijding.

Toewijding
Over toewijding gesproken: een sterk voorbeeld hiervan zijn Afrikaanse moslims uit de vroegmoderne tijd. Die werden als slaven naar Amerika gebracht. Onder de warme zon, tussen de suiker- en katoenplantages, werkten zij met het mes op de keel om te overleven. Mishandeld, bespuugd en vernederd. Ondanks de onmenselijke behandeling, bleven ze toch trouw aan hun geloof.

Vastberaden
Deze slaven namen hun geloof mee uit Afrika. De islam was voor de slaven een pilaar om op te steunen. Het bood hen hoop en gaf ze kracht om te overleven in de botte en vreemde levensomstandigheden. Ondanks alle tegenslagen hielden zij zich vast aan Allah, en behielden hun levenswijze. Ook in de Ramadan bleven ze vasten. Zwaar werk, mishandelingen, vermoeidheid, niets weerhield ze om hun geloof te belijden.

Ramadan
Tijdens de Ramadan kwamen de slaven in de avonden samen om het vasten te verbreken en gezamenlijk te bidden. Het samenzijn had zijn prijs: volgens toenmalige ‘slavenwetten’ in sommige Amerikaanse staten stond het bijeenkomen van slaven gelijk aan muiterij. De slavenmeesters die hier gehoor van kregen bestraften hun slaven op brute wijze. Dit manifesteerde zich in zware lijfstraffen, verhongeren of zelfs de dood. Slaaf of niet, hard werken of uitgeput, hun geloof behielden ze. Hun lichaam was misschien het eigendom van hun meesters, maar hun ziel bleef vrij. Die was van Allah.