Kauthar Bouchallikht: ‘Geloven en goed doen’


Winter. Het waait en het regent. Sneeuwen doet het dan weer (nog) niet zo vaak, maar toch. Het is koud. Die ene windvlaag die soms onder mijn hoofddoek mijn kraag in kruipt doet me rillen. Mijn handen stop ik  vaak diep in mijn jaszakken.

Dat laatste deed ik ook toen ik eens aan de wandel was. Ik keek mijn ogen uit: aan mijn linkerkant een bijzonder gebouw, mooie bruggen en glinsterend water met een groene omlijsting van deinende bomen waar soms de zon door heen brak.  Ik trok mijn blik los van alles waar deze door werd gevangen en keek even rechts van me. Een bankje. Hoewel… Ik keek nog een keer, om waar te nemen wat ik vluchtig maar goed had gezien. Om te beseffen.

Bijna onzichtbaar lag daar iemand, te slapen misschien. Ingepakt. Dakloos.

Het beeld bleef mij sterk bij.

Voor die specifieke persoon heb ik helaas niet veel kunnen doen, ik was doorgelopen, bedacht me pas verder wat ik had gezien. Maar hij of zij is wel een van mijn inspiratiebronnen geweest om samen met Kloffie Kompany onder andere winterjassen in te zamelen, om daarmee een beetje warmte te delen. Die dakloze op dat ene bankje heeft me daarmee veel gegeven. Iets bijzonders, op verschillende manieren.

Misschien zijn het de mensen die achter dit project staan. Of de mensen die op verschillende manieren op een eigen manier helpen. ‘Ja’ zeggen nog voor je je verzoek hebt geformuleerd. Vrij spel geven. Vertrouwen. Of meedenken. Soms voorop lopen, de hand toereikend. En dat allemaal glimlachend, ondertussen samen theetjes drinkend. Binnen, of ergens buiten uit een kartonnen bekertje. Warm.

Misschien zijn het de mensen die een beetje weifelend en zoekend bij een verzamelpunt op ons afstappen om een tas te overhandigen. Dat ‘kleine’ gebaar van een jas die wordt overgedragen. Liefde die wordt gegeven. Vertrouwen. Menselijkheid. Verbinding.

Misschien is het omdat ik hiermee in de praktijk mag meemaken wat het voor mij betekent, geloven en goed doen. Zoals in de Koran op verschillende plekken staat, onder andere in soerah Al-Asr. Dat ik eraan word herinnerd dat iets voor de ander pogen te betekenen een gunst is. Hoe het geloven als moslim een werkwoord is, en hoe dat werkwoord zoveel mooie dingen teweeg kan brengen. Hoe dat geloven en goed doen ertoe kunnen leiden dat wij als mensen niet verliezen, maar juist winnen. Hoe de zon dan alsnog door kan breken, ook als het ontzettend koud is.

Door te delen.